Marterachtigen (Mustelidae)

Marterachtigen (Mustelidae) zijn verspreid over de hele wereld en ze bestaan uit ongeveer 70 verschillende soorten. Hermelijnen, wezels, bunzingen, dassen, otters, nertsen en marters behoren tot deze grote familie.

Uiterlijkkenmerken Marterachtigen

Marterachtigen zijn kleine diertjes met een donzige vacht, lang lichaam, korte pootjes en een lange borstel staart. De meeste roofdieren hebben aan elke poot 4 tenen, de marterachtigen beschikken vrijwel allemaal over 5 tenen aan elke poot. Ook hebben veel soorten een witte of gele keelvlek. Over het algemeen zijn de mannetjes groter dan de vrouwtjes. Marters hebben een mooie pels, en om die reden wordt er veel gejaagd op deze diertjes. Er bestaan zelfs speciale kwekerijen waar marterachtigen worden gekweekt alleen om hun mooie pels.

Gedrag

Marters zijn nachtdieren en jagen in de nacht op hun prooi. Het zijn goede klimmers en kunnen, indien ze in een bos verblijven, van tak naar tak springen. De steenmarter durft wat meer dan zijn andere soortgenoten, de steenmarter durft namelijk dichterbij de huizen te komen, om vervolgens kippen uit hun hokken te halen en mee te nemen. Marters zijn solitair en polygaam. Ook nieuwsgierigheid behoort tot hun gedrag. Marters hebben als gewoonte om warme en droge plekken te zoeken. Ook veroorzaken ze soms schade aan auto's, doordat ze graag knagen aan zacht plastic en rubber. Marters leven in zelfgegraven holen met daarnaast een apart hol waar ze hun behoefte in doen.

Voedsel

Marters hebben best een uitgebreid menu en eten zelfs etensresten van mensen. Maar voornamelijk bestaat hun menu uit: egels, insecten, kikkers, regenwormen, vruchten, bessen, muizen, ratten, jongen konijnen, vogels en eieren. In de nacht gaat de marter op zoek zijn voedsel. Etensresten van mensen zijn eigenlijk niet goed voor de marter, vaak is het eten van mensen te gekruid of te vet voor de marter. Het is beter dat de marter voornamelijk zelf op zoek gaat naar voedsel.

Voortplanting

Van nature zijn marters solitaire dieren, ze leven niet samen met hun soortgenoten in een groep. Het woord ''solitair'' is afgeleid van het Latijnse woord ''solus'', wat alleen betekent. Marters zijn polygaam, dit betekent dat marters meerdere partners hebben. Het gehele jaar door kunnen marters paren, maar in de meeste gevallen vindt dit plaats tussen juni en augustus. Alle marters kennen een ''verlengde draagtijd''. Dit houdt in dat een bevruchte eicel nadat die zich een aantal keren deelt, kan ophouden met groeien. Dit wordt ''embryonale rust'' genoemd. Het embryo gaat dan pas verder met groeien in de winter of het voorjaar. Een verlengde draagtijd kan bij een marter 300 tot 330 dagen duren. De jongen worden meestal tussen maart en mei geboren met 3 a 4 jongen per worp, dit is echter wel per soort verschillend. Jonge marters blijven 15 maanden bij hun moeder en daarna verlaten ze het nest.