Mangoesten (Herpestidae)

Mangoesten zijn redelijk kleine katachtige roofdieren die niet groter worden dan één meter. Deze dieren komen voor in Azië, Afrika, Caraïben en Zuid Europa. De meeste bekendste soort mangoest is het stokstaartje. Het stokstaartje wordt ook wel “aardmannetje” genoemd en is het meeste sociale dier in de familie mangoesten.

Er zijn ruim dertig verschillende soorten mangoesten. De bekendste soort is natuurlijk het stokstaartje.

Het stokstaartje

Van alle mangoesten zijn de stokstaartjes het meest sociale soort. Het stokstaartje leeft in Zuid Afrika, vooral op droge open vlakten. Ze leven in groepen van maximaal 30 stokstaartjes tegelijk. De holen van de grondeekhoorn bouwen deze dieren uit tot hun eigen verblijfplaats, ze bouwen zelfs slaapkamers, kraamkamers en toiletten. In de nacht trekken de stokstaartjes zich terug in hun holen, omdat de nachten koud kunnen zijn en gevaar altijd op de loer ligt. Stokstaartjes leven in een hiërarchie, ieder heeft namelijk een eigen taak binnen de groep. Er is altijd één wachter binnen een groep, deze staat op uitkijk en staat altijd hoger dan de rest van de groep. Een wachter gaat dan op zijn achterpoten staan en krijgt hierbij ook steun van zijn staart, op deze manier kan hij de omgeving goed in de gaten houden. Indien er gevaar op de loer ligt kan een stokstaartje verschillende geluiden laten horen, zoals een fluitend geluid of een blaffend geluid. Verder zijn er ook nog andere taken binnen een groep, namelijk de jager en de babyzitters. De babyzitters houden een oogje in het zeil als de ouders niet in de buurt zijn.

Dwergmangoest

Met zijn grote spitse kop, kleine oren, lange staart, korte poten en lange klauwen is de dwergmangoest een typische mangoest. En zoals zijn naam al doet vermoeden, is de dwergmangoest veel kleiner dan de andere mangoesten. Het beestje kan 18 tot 28 cm lang worden en de staart 12 tot 20 cm. Dit diertje heeft een zachte fijne vacht en voorzien van veel kleur. De kleuren variëren van oranje rood, gelig rood, grijs, roodbruin, zwart en donkerbruin. De poten van de dwergmangoest zijn donkerder van kleur en de buik is wat lichter. In de meeste gevallen is de bovenzijde zwart of grijs gespikkeld. De dwergmangoest is een sociaal diertje en leeft overdag in een familiegroep met twee tot 20 dieren. Binnen deze familiegroep heerst een sterkte hiërarchie met een dominant paartje aan hoofd van de groep. Het dominante vrouwtje is de leider van de groep en het dominant mannetje heeft de taak om zeer waakzaam te zijn, en brengt zijn tijd door op een verhoogde plek, samen met andere mannetjes.

Slanke mangoeste

De slanke mangoeste is een dagdier die overdag op de grond of in de bomen jaagt op kleine vogels, knaagdieren, kleine zoogdieren, hagedissen, slangen, kikkers, larven, insecten, eieren, maden, vleesvliegen en soms wilde vruchten. Het is een goede klimmer en vaak in bomen te vinden. In de nacht kiest de slanke mangoeste ervoor om in een holle boom te verblijven, een termietenhol of een ondergrondse hol. Het zijn solitaire dieren en verdedigen hun territorium. Heel soms tolereren ze jongere mangoeste in hun territorium. De relaties tussen slanke mangoesten zijn los, maar houden wel lang stand.

De draagtijd van deze dieren is maar twee maanden en er worden één tot 3 jongen per worp geboren. De jongen worden blind en hulpeloos geboren. De ogen van de jongen gaan met drie weken open en na vier weken kunnen ze vast voedsel eten. En na tien weken zijn de jongen al onafhankelijk en kunnen ze zelfstandig voor zichzelf gaan zorgen.

Kenmerken van de mangoesten

De mangoesten hebben een grote spitste kop met kleine oren. Het gehoor staat gelijk aan die van de mens. Ze hebben een lange staart die ze gebruiken om goed op hun achterpoten te kunnen staan. De poten van deze dieren zijn klein met grote klauwen. Deze grote klauwen hebben de mangoesten vooral nodig om goed te kunnen graven in de grond. De vacht is zacht en fijn en de kleuren kunnen behoorlijk variëren. Mangoesten zijn kleine dieren en worden niet groter dan één meter. Het gewicht ligt tussen de 500 gram en 1 kilo in. De stokstaartjes hebben een zeer goed reactievermogen en kunnen bijna altijd een beet van een slang ontwijken. Ze kunnen een giftige cobra doden om vervolgens op te eten. Het menu van een mangoest is erg gevarieerd, ze lusten namelijk; slakken, spinnen, insecten, kleine knaagdieren, vogels, eieren en schorpioenen. Maar ook knollen en wortels lusten deze dieren. Als er gevaar dreigt, gaan de mangoesten fanatiek graven om vervolgens een stofwolk te creëren, hiermee kunnen ze een roofdier afschrikken. Maar als dit echter niet helpt en een roofdier toch dicht in de buurt komt, zal een mangoest gaan spugen en bijten. Indien ze toch aan de verliezende hand zijn, zal het diertje op zijn rug gaan liggen, hun tanden tonen en agressief uithalen met hun scherpe nagels.

Leefgebied van de mangoesten

Mangoesten komen voor in Azië, Afrika, Caraïben en Zuid Europa. Deze dieren hebben de voorkeur om te leven in een open en droog gebied. In gebieden met veel rotsen komen de mangoesten ook voor. Ze wonen in een groot gangenstelsel van holen die ze zelf hebben gegraven. Ze graven zelf slaapkamers, kraamkamers en toiletten. De toiletten worden schoongehouden door de mestkevers, die de uitwerpselen iedere dag uit de toiletten rollen. Dit ingewikkelde gangenstelsel beschermt de mangoesten tegen de hitte en roofdieren die het op de dieren gemunt hebben.