Brughagedissen (Sphenodon)

Brughagedissen of tuatara komen uitsluitend voor in Nieuw-Zeeland en wijken af van gewone hagedissen door hun schedelbouw. De naam van de soort is daarvan afgeleid: ze hebben namelijk een benige ‘brug’ in de schedel die uniek is voor deze soort. In tegenstelling tot ‘gewone’ hagedissen prefereren brughagedissen een temperatuur rond de 12 graden in plaats van 25 graden. Ze liggen overigens wel graag in de zon.

Brughagedissen groeien langzaam, maar kunnen heel oud worden. De gemiddelde leeftijd is 60 jaar, maar er zijn exemplaren die wel 100 kunnen worden! Een tuatara verbergt zich graag in holen en leeft op de grond in loofbossen met weinig ondergroei en graslanden. Hij jaagt ’s nachts en is vooral dan actief.

Dierenrijk

Brughagedissen behoren tot de reptielen en de familie brughagedissen (Sphenodontidae). Er zijn twee populaties die vroeger als aparte soorten werden gezien, maar tegenwoordig alleen nog als aparte populaties, ondanks genetische afwijkingen.

Dit zijn de:

  • De Cook Strait tuatara (Sphenodon punctatus)
  • De North Brother Island tuatara (Sphenodon guentheri)

Kenmerken

Met zijn stekelige rugkam heeft de tuatara wel wat weg van een kleine leguaan. Deze kenmerkende kam geeft de tuatara ook zijn naam. In het Maori betekent tuatara namelijk: ‘pieken op zijn rug’. Zijn kleuren - groengrijs tot geelbruin – camoufleren hem in zijn natuurlijke leefomgeving. De Cook Strait tuatara is groter dan de North Brother Island tuatara. Volwassen brughagedissen kunnen een lengte van 40 tot 65 centimeter bereiken. Dat is inclusief de staart. In gevangenschap zijn enkele brughagedissen zelfs nog langer geworden. Daar zijn lengtes van 80 centimeter gemeten. De vrouwtjes blijven over het algemeen kleiner dan de mannetjes.

Brughagedissen hebben maar liefst drie (!) ogen, maar het derde oog zit bij volwassen exemplaren onderhuids en is dan niet meer zichtbaar. Dit oog zit aan de bovenkant van het hoofd en wordt voornamelijk gebruikt om onderscheid te maken tussen licht en donker.

Geschiedenis

Brughagedissen leefden al zo’n 200 miljoen jaar geleden. Er waren vele soorten, die vooral van Trias tijdperk tot het Krijt leefden, maar de meesten stierven uit. Onder andere door concurrentie van de eigenlijke hagedissen. Alleen op een aantal Nieuw-Zeelandse eilanden wisten ze te overleven. Daar werden ze op het vaste land vrijwel volledig uitgeroeid door de ratten die de eerste mensen die zo’n drieduizend jaar geleden naar Nieuw-Zeeland kwamen, meebrachten.

Voortplanting

Brughagedissen planten zich langzaam voort. Het vrouwtje legt slechts om de vier jaar maximaal 15 eieren in een hol onder de grond. Dan duurt het nog ruim een jaar voordat de eieren uitkomen; pas na 13 tot 15 maanden zijn de kleine tuatara’s daar klaar voor. Jonge tuatara’s worden soms opgegeten door volwassen exemplaren, vandaar dat zij overdag schuilen onder houtblokken en stenen.

Voedsel

De brughagedis jaagt ’s nachts op spinnen, insecten en wormen. Soms staan kleine vogels, hagedissen en jonge brughagedissen op het menu. Deze laatsten komen om die reden juist overdag tevoorschijn, om de volwassen exemplaren te ontwijken.